Hoe gaat het met je? Ja, en met jou?
Ik profileer mezelf graag als sterke vrouw en ben nogal een flapuit. Daarnaast maak ik me schuldig aan het feit dat ik denk te weten wat anderen denken. Deze zelfbedachte helderziendheid is een vrij lastige gave. Ik ben niet zozeer bang voor de dingen die ik doe maar angstig over hoe ik hierbij overkom, omdat ik dus al “weet” wat jij denkt.
De onopmerkzame toehoorder merkt hier weinig van. Want een rappe reactie rolt vrij vlot uit mijn mond. En eerlijk is eerlijk deze reactie is meestal uit de categorie zuur, dubbelzinnig of denigrerend. De merkbare factoren van mijn bestaan (lees: manlief) moeten het vaak bezuren na weer een actie of opmerking mijnerzijds, waarbij ik bij hem doorzaag over het feit of ik dit al dan niet had moeten doen. Vervolgens beland ik in een wirwar van gedachten over de gedachten die anderen mogelijk al dan niet zouden kunnen hebben (volgt u me nog?).
Ik zou aan deze gedachten graag schijt hebben, maar dit is me tot op de dag van vandaag niet gelukt. Het zou zoveel simpeler zijn als ik iets zou doen of zeggen en hier van te voren over hebben nagedacht, maar opmerkingen ontsnappen uit mijn mond en het leed is geleden. Er is een soort achtbaan in werking gesteld en de vragen komen uit alle hoeken en gaten uit mijn, met nutteloze feiten gevulde brein. Oorzaak hiervan komt vermoedelijk voort uit het feit dat ik vaak een mening heb, waarvan ik vind dat anderen deze mening niet onthouden zou moeten worden (vrij naar Loesje’s “Iedereen heeft recht op mijn mening”). Tel hierbij op dat ik nogal veel waarde hecht aan mijn mening en vind dat ik gelijk heb tot mijn ongelijk keihard wordt bewezen. Dit leidt tot ellenlange discussies (voornamelijk met mezelf, fijn zo’n “gespleten” persoonlijkheid) over de oorsprong van mijn gelijk. Want waarom zou ik minder gelijk hebben dan een ander? Voer voor zoetwaterpsychologen natuurlijk, want dit zal vast voortkomen uit een of ander zelfcomplex, bij voorkeur uit mijn vroege jeugd.
Maar is het niet gewoon zo dat (als we allemaal heel eerlijk zijn) we ons allemaal druk maken om wat voor indruk we achterlaten? En dan vooral bij de mensen die we niet kennen? Doen we ons niet allemaal een beetje beter voor dan dat we zijn? Want o, wat zijn we massaal gelukkig, geleerd en geliefd. Op de puur retorisch gestelde vraag: “Hoe gaat het met je?” wordt altijd het antwoord gegeven: “Ja goed. En met jou?”
Bij wijze van test heeft mijn lief, na zijn reis naar Zuid-Afrika in 2002-2003 (voor diegenen die mijn lief niet kennen, hij heeft hier 10 maanden gewoond en vrijwilligerswerk gedaan) elke keer als de vraag kwam: “Hoe gaat het met je?” meteen geantwoord: “Ja, en met jou?”
Niemand en dan bedoel ik ook echt niet één iemand heeft hier dan ook maar één woord aan vuil gemaakt. Men hoorde het niet eens! En ik me maar druk maken om wat anderen van me vinden. Lieve mensen, het heeft toch helemaal geen zin als we met z’n allen een potje Jan Klaassen en Katrijn ten tonele brengen? Ik ben er klaar mee. Ik twijfel, dus ik besta.
En ja, voordat ik naar een feestje, etentje of andere happening ga, sta ik een uur voor de spiegel om te kijken hoe ik er op zijn voordeligst uitzie. En nee, ik heb dit niet zomaar uit de kast getrokken. Ik heb weloverwogen bedacht wat ik aan zou trekken en vervolgens een kwartier in de badkamer gestaan om er een gezicht op te tekenen wat er uitziet alsof ik geen make-up nodig heb. Dus de volgende keer als je me ziet en ik sta quasi nonchalant met mijn eeuwige sigaret te socializen en met mijn eeuwige o-wat-hebben-we-het-leuk-opmerkingen, bedenk dan maar eens dat ik me er best druk om maak, om wie jij bent en wat jij van me vindt. Maar hoe zit dat met jou?
Janou Vos-Bode



